Over Joke

Joke Renneboog

In’t kort: Joke Renneboog (cf. zeg mij uw naam en ik weet wie je bent)

In’t lang: 27 jaar geleden zag ik eruit zoals een gemiddelde baby eruit ziet. Mega-oren, een zevertongske en een dikke pamperkont. Nu ben ik een beetje gegroeid maar de oren, de tong en de kont zijn gebleven.

Sommige mensen dromen ervan om te sterven “with a bang”, ik ook; maar daar was deze strever niet tevreden mee. Ik kwam op 8 februari in 1984 ook ter wereld met “a bang”. Bijna gewurgd door mijn navelstreng (of is dat nog die van mama?) en helemaal blauw gekleurd kwam ik tevoorschijn. Dat kon alvast tellen als eerste indruk… “Ai Josse, zei mama Martine, ‘t is ne smurf!”

Overtuigd dat ze beter konden, probeerden papa en mama het nog een keer. En na 13 maand floepte het verschijnsel broer er als het ware uit, bijna in de auto al zelfs. Zonder problemen; die zou onze Kjell opsparen voor de puberteit.

Ondertussen had ik ook al een tijdje de naam “Joke” gekregen. Hoe populair deze voornaam toendertijd was, zou ook later blijken toen mensen vreemde liedjes voor haar begonnen te zingen.
Die moeten rond haar geboorte vaak op de radio geweest zijn waarschijnlijk. Wie herinnert zich niet (uhum) het legendarische “Joke, stop toch met koken, kom uit de keuken, m’n lieve Joke…” of iets in de trant van “Joke, Joke, trek je witte jurkje uit…” (Jan De Wilde) Inderdaad, deze kleine meid bleef niet gespaard van perversies. Later ontdekte ze ook dat bijna 1/5 van de meisjes uit haar studierichting dezelfde voornaam had. Zo was het geen uitzondering dat ze zelf nog minstens 4 andere Jokes kende.

Deze blonde schone werd geboren met haar zon stond in watervrouw (een aanpassing naar het geslacht leek gepast). Daarover vindt men het volgende:

“Je raakt verveeld door een status quo en normaal gesproken ben je altijd te vinden voor nieuwe zaken en ideeën. Je bent individualistisch en hebt een vrije geest. Je vrienden zijn best belangrijk voor je, zolang ze maar niet proberen zich aan jou te binden door te veel emotionele eisen te stellen. Je ideeën zijn ongewoon en je bent een beetje excentriek, wat niet wil zeggen dat je erg veranderlijk bent. Van tijd tot tijd ben je best wel koppig. Omtrent het groepsgebeuren, en waar het belangrijke zaken betreft, ben je erg rechtlijnig in je denken en niet altijd gevoelig voor de emotionele behoeften van het individu. Je bent uitgesproken objectief en hebt een goed opmerkingsvermogen; bijgevolg ben je in staat technische en gecompliceerde onderwerpen te bestuderen, zoals wetenschappen en computers.”

Ik zou naar het schijnt ook een rat (Chinese horoscoop) zijn…

Mensen die geboren zijn in het jaar van de Rat staan bekend om hun charme en oefenen een aantrekkingskracht uit op het andere geslacht. Ze werken hard om hun doelen te bereiken, jagen rijkdom na en de kans is groot dat ze perfectionistisch zijn. Ze zijn in wezen zuinig met geld. Ratten worden snel kwaad en houden ervan om te roddelen. Ze hebben grote ambities, en ze zijn normaal gesproken erg succesvol. Ze passen het best bij mensen die geboren zijn in het jaar van de Draak, de Aap en de Os.

Wat onthouden we hieruit? Alleen de goeie dingen natuurlijk! Voor de mensen die er zouden overgelezen hebben: innovatief, onafhankelijk, objectief, charmant, ambitioneel,… Of tenminste, dat is wat ik probeer te zijn.

Wat heb ik nu vooral onthouden van mijn jeugd? Misschien vooral het vele verhuizen; tijdens de eerste jaren van mijn prille bestaan mocht ik 5 verschillende plaatsen “thuis” noemen: Erondegem, Schellebelle, Wanzele, Erembodegem en Sint-Lievens-Houtem 1. Ik noem het 1 omdat we nu op Sint-Lievens-Houtem 2 wonen. Jaja, al sinds 1991 en we zijn nog altijd aan het verbouwen… (Weetje: op de oorspronkelijke muren van dit huis was het “behangpapier” nog geverfd!) Mijn ouders zijn lang truckchauffeurs geweest en hebben het zwervende bestaan waarschijnlijk wel een beetje in zich. Nu wonen ze toch al meer dan tien jaar op dezelfde plaats maar ik zie ze ooit in hun leven wel nog eens andere oorden opzoeken.

En voor de rest: de televisieseries natuurlijk. In het begin vooral “Plons de gekke kikker”, “De Snorkels”, “Thundercats”, “Melina”, “Postbus X” en “Samson en Gert” maar later vooral “The A-Team”, “Knight Rider” en “MacGyver”. Ik weet nog dat ik altijd heel erg teleurgesteld was als MacGyver niks ineenknutselde tijdens een aflevering… En ik heb altijd een auto zoals Kit gewild… Ik zat er met mijn Ka (Ford) niet veraf…
Heel vroeg al ben ik beginnen kijken naar Engelstalige programma’s en was zo gefrustreerd dat ik de ondertitels niet kon lezen dat ik mijn meme praktisch gedwongen heb om mij te leren lezen. In het tweede kleuterklasje is aldus de basis gelegd voor mijn leesobsessie.
Hoewel ik dus ver vooruit was op mijn leeftijdsgenootjes wat lezen betrof, kan je werkelijk bijna het omgekeerde zeggen i.v.m. schrijven. Ik geef toe dat ik het nooit goed gekunnen heb of graag heb gedaan. De resultaten zijn er dan ook naar… Ook nu nog moeten mensen heel wat moeite doen om te ontcijferen wat ik gekriebeld heb. De enige vooruitgang is misschien dat het er nu heel wat mooier (daarom niet leesbaarder) uitziet. Ik heb ooit het compliment gekregen dat mijn kunstig geschrift er nog zou uitspringen in meer dan 100 verschillende handschriften. Thuis krijg ik ook vaak de opmerking dat ze kattenbelletjes die ik op tafel leg, niet kunnen lezen; zelfs wanneer ik drukletters gebruik. Ik heb mijzelf altijd verdedigd door te beweren dat het mij nooit deftig aangeleerd geweest is.

Als “linksepoot” werd ik eigenlijk regelmatig gediscrimineerd in dergelijke dingen. Ik herinner mij nog dat mijn mama mij heeft moeten leren breien in het derde studiejaar omdat de juffrouw het mij zo niet wou leren en ik bijgevolg hopeloos achterop raakte tegenover de rest. Ik heb ook nooit een lapje (wel een triepje) kunnen haken. Werkelijk zielig, inderdaad. Interessante weetjes over mijn linkshandigheid:

Hoewel scharen voor linkshandige personen vaak irritante niet werkende objecten zijn, heb ik nooit problemen gehad om mijn linkerhand te gebruiken bij een rechtshandige schaar.
Ik voetbal rechtsvoetig, basket rechtshandig en hou racketten e.d. ook vast in mijn rechterhand. Ik poets ook mijn tanden met mijn rechterhand en kan een computermuis het beste rechts bedienen.
Mijn linkshandigheid is overgeërfd van mijn mama. De nonnekes hebben het haar echter afgeleerd maar ze kan nog altijd met haar linkerhand in spiegelschrift (!) schrijven; zoals een echte Leonarda Da Vinca eigenlijk.

Ook tijdens de apenjaren bleef ik gefascineerd door boeken, strips en sommige televisieseries al kreeg dat allemaal toen al een meer feministisch trekje. Series met sterke vrouwen/meisjes zoals “Power Rangers”, “Wonder Woman”, “Xena”, “Buffy The Vampire Slayer”, “ER”, “Dark Angel”, “CSI” en “Alias” waren en zijn echt mijn dada. Wat het overige bewegende beeld betreft, val ik als een blok voor series en films met een schitterende soundtrack of een aangrijpend thema. Ik heb ook een zwaar zwak voor films over superhelden en -heldinnen: van Superman en Spiderman tot Batman, van Daredevil tot Elektra en Catwoman, van Fantastic Four tot The Incredibles. Ik geef beschaamd toe dat ik ze hoogstwaarschijnlijk allemaal heb gezien.

Ook muziek had al van jongs af aan een centrale rol in mijn leven. Ik heb nooit zelf gespeeld maar wel “pogingen gedaan tot” waaronder zelfs een jaartje (uhum) notenleer en natuurlijk een middelbare blokfluitperiode waarin ik niet wou onderdoen voor medescholieren en zodoende mijn ouders tureluut maakte met mijn gefiefel (zoals ze mijn blokfluitspel toen noemden). Ik moest telkens uren en uren oefenen en heb altijd beter tussen mijn tanden kunnen fluiten dan op mijn blokfluit.

Ik ben opgevoed met Radio 2-oldies, Abba, Elvis Presley en George Michael/Wham maar stillaan kwam ook een eigen muzieksmaak boven die vaak niet echt geapprecieerd werd… Zeker niet toen ik rond het tweede middelbaar mijn punkperiode doorspartelde. “Green Day” en “Bad Religion” maakten de boksen van mijn stereoketen eens goed wakker en diegene die in een nabijgelegen slaapkamer sliep ook. Ik heb mijn liefde voor harde gitaren eigenlijk nooit verloren en heb zelf ook een basgitaar in mijn bezit. Behalve ontzettend cool staan wezen in mijn slaapkamer bij mijn ouders thuis, gebeurt er echter voorlopig nog altijd niks met die gitaar. Basgitaar leren spelen, is nog altijd toekomstmuziek.
Thuis was ik ook de persoon met de grootste cd-collectie en ben ik ook de betere in het intro-raden, ofte zeggen welk liedje er speelt wanneer je enkel het begin ervan hoort. De muziek ging later de kalmere toer op, geen geboenk meer voor mij maar liever female singer-songwriter stuff zoals Heather Nova, Sarah McLachlan, KT Tunstall, Tori Amos, Sheryl Crow, Natalie Merchant, Dido, Indigo Girls, Michelle Branch, Tracy Chapman en Alicia Keys.

Het middelbaar was een turbulente periode op alle gebied: eerste liefje, kliekjesvorming op school, eerste job en de eerste belangrijke keuzes en inzichten. Zoals toen we een studierichting moesten kiezen: ofwel Latijn-Wiskunde en later geneeskunde kunnen studeren ofwel Latijn-Moderne talen en mijn hart volgen… Mocht ik die keuze opnieuw mogen maken, ik zou wiskunde nemen omdat ik nog altijd het gevoel heb dat ik met talen teveel dingen heb uitgesloten.
Bijgevolg heb ik sindsdien nog weinig keuzes enkel en alleen met mijn hart gemaakt. Enkele recente keuzemomenten zoals optierichting, stageplaats en scriptietitel zijn allemaal weloverwogen gebeurd en zijn ook tot het extreme toe op de toekomst gericht. Ik ken mezelf voldoende om te beseffen dat dat mijn grootste zwakte is: te veel denken aan morgen en te weinig aan vandaag. En toch het ik er nooit écht spijt van gehad dat ik talen heb gevolgd; spijt is altijd een verloren emotie.
Ik durf bijvoorbeeld wedden dat ik nooit met deze schrijfwebstek zou begonnen zijn, mocht ik geen talen gevolgd hebben en bijgevolg geen les zou hebben gekregen van bepaalde inspirerende leraren.

Een vrij ontnuchterend inzicht was het moment waarop ik voor het eerst besefte dat het leven eindig is. Ik vermoed dat elk kind er waarschijnlijk tot op een bepaalde dag van overtuigd is dat de mensen die men rond zich heeft, er ook altijd zullen zijn. Hoe ouder je echter wordt, hoe meer mensen rondom jou lijken te sterven. Ik vind dit nog altijd het meest irriterende aspect van het leven; waarschijnlijk vooral omdat het zo onoverkomelijk is. Ik haat onoverkomelijkheden.

Laat ons zeggen dat daarna de “Cool Down” al gauw kwam hoewel er natuurlijk nog vaak avontuurtjes waren. Toen ik sweet sixteen was, had ik een rebelse piercing bovenaan mijn rechteroor, ruilde ik mijn uilenbril in voor hippe lenzen en ben ik ook de enige twee keer uit mijn leven zat geweest. Eenmaal van 5 (!) pintjes en eenmaal van een fles Batida de Coco of iets dergelijks blauws… Het waren leerrijke ervaringen die ik echter liever niet herhaal.

Ik zal altijd “ja” antwoorden als men mij vraagt of ik op mijn eentje de wereld kan veranderen en verbeteren… Het weze bij deze geweten.

Ik wist al in het vierde middelbaar dat ik later Psychologie wou gaan studeren. Mocht ik toen geweten hebben wat ik nu wist, zou ik nooit gaan verkondigen zijn dat ik psychotherapeut wou worden. Ik kan het mij echt niet meer voorstellen dat ik toen 7 dagen op 7 en bijna 24 uur per dag met de problemen van iemand anders wou bezig zijn.
Na mijn kandidaturen heb ik dan ook voor de optie Bedrijfspsychologie en Personeelsbeleid gekozen. Een optie die mij al zeker en vast meer toekomstperspectieven zal bieden dan Klinische Psychologie; een optie die mij ook nog altijd toelaat om mensen te helpen, aan een goede job bijvoorbeeld en bovenal een optie die mij het recht op carrière maken niet ontzegt.

Later meer!

  • Share/Bookmark

Leave a Reply