sp.a en de verspillingsnormen van Geert Noels

1 Jun

Deze ochtend gaf econoom Geert Noels op Radio 1 de indruk dat de plannen van sp.a niet deugen en de burger op partijen moet stemmen die een zogenaamd “besparingsplan” hebben (zoals Open VLD en CD&V).

Het is natuurlijk niet omdat men het woord “besparingsplan” gebruikt dat de beweringen in dat plan altijd even realistisch zijn of andere partijen geen plannen hebben om te besparen. Dat bewees het debat in Terzake met Yves Leterme en Johan Vande Lanotte en de analyse van Carl Devos achteraf gisterenavond ook…

Je kan het overigens niet oneens zijn met de oproep van Geert Noels om geen geld te verspillen maar eerder “zo efficiënt mogelijk een optimaal doel te bereiken”. Maar over dit citaat valt wel te discussiëren:

“Het geld is op, we moeten zorgen dat we kunnen toekomen voor de noden, en zeker voor de steun van de bevolking die er het minst goed voorstaat.” (lees de rest van zijn blogpost hier)

Het geld is niet op maar het dient inderdaad wel anders te worden besteed. Een hoge overheidsschuld en tekorten op de begroting zijn een bedreiging voor onze sociale bescherming. Onze doelstelling is het tekort beperken tot maximaal 3 procent in 2012, en een begrotingsevenwicht in 2015.

Toch is er nu ruimte voor nieuwe initiatieven, zoals ons Pensioenplan, een sterkere gezondheidszorg en investeringen in duurzame energie Dat lukt wanneer alle overheden de komende vier jaar gemiddeld 1 procent besparen per jaar.
sp.a heeft daarvoor (al veel langer dan Open VLD en CD&V trouwens) een plan:

  • We zetten in op een efficiëntere overheid. Efficiëntie meten we aan de hand van het aantal ‘tevreden’ burgers per ambtenaar.
  • We voeren het prijsplafondmodel in. Dat verlaagt de prijs van medicijnen, en ontziet dus de gezondheidszorg.
  • We eisen een solidaire bijdrage van bedrijven die de voorbije jaren geen bijdrage leverden. We voeren een risicobijdrage voor banken in en vragen van Electrabel een bijdrage op haar superwinsten, via de aankoopcentrale voor energie.
  • We pakken fraude aan en verbeteren de werking van het ministerie van Financiën. We brengen de gemiddelde opbrengst per ambtenaar naar het Europees gemiddelde. We voeren daarvoor meer en beter gerichte controles, en doorprikken allerlei fiscale constructies.
  • We hervormen de notionele intrestaftrek, zodat aftrekcarrousels onmogelijk worden. De meest dominante bedrijven ontwijken daarmee miljoenen aan bijdragen.
  • We versterken het beleid voor jobs in eigen regio, en passen de Financieringswet aan. We stimuleren de gewesten om meer mensen aan het werk te krijgen. Dit ontziet de werkloosheidskas en verhoogt de sociale bijdragen. Zo komen er extra federale middelen vrij.
  • We verlagen de lasten op arbeid. Dit levert op korte termijn jobs op, en op lange termijn meer inkomsten voor de overheid. We doen dit door de bestaande ‘structurele lastenvermindering’ drastisch te herschikken. Enerzijds trekken we de werkgeversbijdrage (nu 32,25 procent) onder de 30 procent. Anderzijds concentreren we de extra injectie aan middelen op de lage lonen. We doen dit omdat deze bijdragevermindering voor veel extra jobs zorgt. Met een brutoloon van 2.000 euro daalt de loonkost daardoor bijkomend met 100 euro per maand.

Bovenstaand had ik al eerder (beknopter wel) aan Karel Van Eetvelt laten weten. Wij zijn echt wel het Griekenland aan de Noordzee niet.

  • Share/Bookmark

No comments yet

Leave a Reply